Ik pleit voor het ontwikkelen van duurzame energie systemen binnen nuts-bedrijf nieuwe stijl. Enerzijds vanwege het openbare nut en anderzijds om gevrijwaard te zijn van achterlopende wet- & regelgeving. Hoewel zij snel en goedkoop kunnen innoveren, blijkt het voor MKB-ontwikkelaars in de praktijk helaas vaak een onneembare horde om in de energiemarkt de juiste schaalgrootte te bereiken.
![]() |
| POWER IS A HUGE PRODUCT! |
De elektriciteitswereld is zo’n 150 jaar geleden ontstaan en in een nutsbedrijf tot wasdom gekomen. Met de privatisering van de E-sector is haar helaas geen innovatieopdracht meegegeven. De markt moet zijn werk maar doen werd gedacht. Nu ben ik als liberaal best te porren voor deze gedachte, maar er is m.i. in dit dossier onvol-doende rekening gehouden met de schaalgrootte van deze sector. Om de markt te laten innoveren, wat meestal op het MKB neerkomt vanwege haar capaciteit om dit snel en goedkoop te kunnen doen, moet ook de juiste schaalgrootte worden bereikt en die is juist enorm en dus ook enorm kostbaar in deze sector. De benodigde financiële ondersteuning komt niet los. De stap na de innovatie blijkt voor het MKB in de energie sector vaak een brug te ver met vele mislukkingen tot gevolg. Het MKB sneuvelt in de belangenstrijd en schaalgrootte van E-sector waarmee ook de bereidwilligheid de schouders er onder te zetten onder druk komt te staan.
Idee: Start met een Rijks Energie Innovatie Lab [REIL]
Tot nu toe is het zo dat iedere innovatieve ondernemer zelf alle benodigde algemene voorzieningen voor ieder project weer moet organiseren en regelen. Een groot deel van de beschikbare tijd en geld wordt daar steeds weer aan besteed. Niet echt effectief.
In de Nederlandse overheidsbegroting gaat jaarlijks een bedrag van 21,6 Geuro om in energie. Neem daaruit 200 Meuro (<1%) en vestig een nutsbedrijf als proeftuin waar innovatieve ondernemers hun eigen energie-innovaties kunnen uitvoeren. Zoek en maak een geschikt terrein met voldoende infrastructuur en gebouwen met een plofdak. Algemene en flexibele voorzieningen (zoals: gas, water, licht, stoom, laboratorium, vergunningen, werkplaats en detectiemiddelen), een kantoor met secretariaat, administratie, personeelszaken en specialisten waar iedereen in bepaalde mate gebruik van kan maken. Verbindingen naar onderwijsinstellingen en universiteiten. Zeker geen chaos, maar reëel toezicht met afspraken, planning en handhaving. Het collectieve, algemene belang is leidend.
De overheid kijkt mee, raakt vertrouwd met de oplossingen, kan parallel wet & regelgeving ontwikkelen en bouwt samen met de ondernemers aan de toekomst. De ideeën winnen vertrouwen en kunnen van daar uit de stap naar door marktpartijen gefinancierde commercialisering maken. Andere oplossingen moeten wellicht nog verbeterd worden en/of via technologie generaties uiteindelijk naar de markt komen; zoals bijvoorbeeld bij 1e en 2e generatie biodiesel. Blijft succes uit dan zal na rijp beraad plaats gemaakt dienen te worden.
Het idee blijft van de ondernemer. Hij moet zijn activiteit ook financieren. Marktpartijen maar ook REIL kunnen participeren; deze laatste met behulp van Revolving Funds. Kennis van succes en falen wordt geborgd. Toelating tot de faciliteit is de nieuwe overheidssubsidie met open-minded inhouds- en systeemdeskundigen als poortwachters.
REIL wordt gefinancierd met publiekgeld, heeft geen winst-oogmerk en kan participeren ten gunste van de energie innovatie-agenda met als doel een goed begaanbaar en toekomstbestendig energietransitiepad te vinden. Het is een kraamkamer met exportpotentie en kan zodoende ook economische groei stimuleren.
![]() |
| P2G - system Energy Valley Eemshaven |
Energie-innovatie is volgens mij te groot (in omvang en belang) om aan de markt over gelaten te kunnen worden. Het hoort in een nutsbedrijf thuis waar zowel ondernemerschap als innovatiekracht gestimuleerd en benut worden. Da’s pas effectief en ten dienste van het gemeenschappelijke goede!
Walter Nonnekes
ECO-Ridder
Uit Wikipedia:
Een nutsbedrijf is een bedrijf dat, vaak vanuit een monopoliepositie, opereert in een sector die beschouwd wordt zijnde van openbaar nut omdat het belangrijke producten of diensten levert die in het algemeen belang zijn. Vele nutsbedrijven werden in de negentiende en twintigste eeuw door de overheid opgericht om op die manier de voorziening van de betrokken goederen en diensten veilig te stellen én als instrument om een economische en sociale politiek te kunnen voeren in het kader van een gemengde economie.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten